Wervelfractuur

Inleiding

Wervelfracturen (wervelbreuken) kunnen we in twee groepen onderscheiden, stabiele en instabiele fracturen. Doordat bij een instabiele fractuur de verschillende delen van het bot niet stevig op hun plaats blijven, kunnen klachten verergeren. Het is belangrijk om te weten of het gaat om een instabiele fractuur, omdat dit in sommige gevallen kan leiden tot beschadiging van het ruggenmerg.

Wervelfracturen ontstaan in veel gevallen als gevolg van een trauma (auto-ongeluk, val van grote hoogte etc.), maar dat is niet altijd het geval. Bijvoorbeeld bij ouderen kunnen fracturen zonder dergelijk trauma ontstaan door osteoporose (botontkalking). Bij osteoporose neemt de botdichtheid af, waardoor het bot kwetsbaarder is en de kans op een breuk vele malen groter. Een 'inzakkingsfractuur' kan het gevolg zijn.

Symptomen

-        In veel gevallen sprake van een trauma.

-        Pijn in de rug (als er een zenuw bij betrokken is, ook pijn in een van de ledematen).

-        Vermindering van lichaamslengte, verandering van houding ('ingezakte' houding).

-        Vaker een fractuur in het recente verleden kan een aanwijzing zijn voor osteoporose.

Diagnostiek

De fysiotherapeut kan aan de hand van de klachten die de patiënt aangeeft en lichamelijk onderzoek een inschatting maken of er sprake is van een wervelfractuur. Wanneer de fysiotherapeut de kans aanwezig acht dat het kan gaan om een fractuur, zal deze de patiënt doorsturen naar de huisarts voor een verwijzing om een röntgenfoto te maken.

Behandeling

Als het gaat om een stabiele fractuur is het beleid in veel gevallen conservatief (zonder operatie). In de eerste fase is het van belang om de wervels rust te geven (eventueel met corset/brace), zodat het bot goed kan herstellen. Echter is het daarna belangrijk om zo snel mogelijk te bewegen. De fysiotherapeut kan u hier in begeleiden.

Als het gaat om een instabiele fractuur zal in veel gevallen overgegaan worden tot een operatieve ingreep ,waarbij de betrokken wervels worden vastgezet en gestabiliseerd. Ook hierbij zal de breuk in eerste instantie door middel van rust moeten genezen, met eventueel een revalidatietraject onder begeleiding van de fysiotherapeut om conditie, spierkracht en coördinatie te verbeteren.

Als het risico op vallen verhoogd is (de patient ervaart bijvoorbeeld problemen met zijn of haar balans), dan is het raadzaam om hier extra aandacht aan te besteden. De fysiotherapeut kan u helpen met het verbeteren van uw looppatroon en het verbeteren van uw balans en coördinatie. Sommige praktijken bieden ook valpreventieprogramma's aan om hier in te helpen.