A-specifieke lage rugpijn

Inleiding:

Binnen de fysiotherapeutische- en manueel therapeutische zorg wordt lage rugpijn doorgaans ingedeeld in twee vormen, te weten: a-specifieke en specifieke lage rugpijn. Hieronder wordt de term a-specifieke lage rugpijn nader toegelicht.

Bij a-specifieke lage rugpijn staat pijn in de lage rug- en bekkenregio op de voorgrond. Soms straalt de pijn uit naar de billen of naar de bovenbenen. De pijn kan plotseling ontstaan, maar ook geleidelijk. De pijn kan hevig zijn of zeurend. Bij hevige pijn zijn bepaalde houdingen en bewegingen soms niet meer (goed) mogelijk.

In de meeste gevallen(90%) is er bij lage-rugpijn geen aanwijzing voor een hernia of een andere beschadiging van de rug. Lage rugpijn komt vaak voor en gaat meestal vanzelf weer over. U kunt al vrij snel weer uw normale bezigheden oppakken. Het kan langer duren voordat de pijn helemaal weg is. Bij meer dan 90% van de mensen leiden acute lage rugklachten niet tot werkverzuim. Van de mensen die niet kunnen werken, is ongeveer 75% binnen 4 weken weer aan het werk.

Er is sprake van een ‘normaal’ beloop in de tijd, wanneer u uw dagelijkse activiteiten en werk steeds beter kunt uitvoeren(tot het niveau van voor uw klachtenepisode). Vaak zal ook de pijn verminderen. Dit houdt niet in dat de rugpijn altijd in zijn geheel zal verdwijnen, maar dat de klachten u niet meer belemmeren in uw dagelijkse bezigheden.

Er is sprake van een afwijkend beloop in de tijd wanneer uw beperkingen in het dagelijks leven niet minder of zelfs erger worden(binnen 3 weken na het ontstaan van de klachten).

Diagnostiek:

Soms kunnen de klachten terugkomen of blijven ze erg lang bestaan. Als u vaak of lang last heeft van lage rugpijn is het goed om na te gaan waarom dat zo is. Hiervoor zijn verschillende oorzaken mogelijk. Soms is bijvoorbeeld te weinig spierkracht een oorzaak. Bij sommige mensen komt het doordat ze niet goed weten hoe ze het beste met rugpijn kunnen omgaan. Andere mensen durven bepaalde bewegingen niet meer te maken. Ook spanningen of een sombere stemming kunnen het herstel van lage rugpijn belemmeren.

Om de mogelijke oorzaken goed in kaart te brengen kan de therapeut u vragen om een vragenlijst in te vullen. Informatie over deze mogelijke oorzaken helpt de therapeut om een goede diagnose te stellen en samen met u de beste behandeling te kiezen. Dat draagt bij aan een voorspoedig herstel van uw klachten.

Verder zal de fysiotherapeut/manueel therapeut u lichamelijk onderzoeken. Dit houdt in dat hij/zij zal kijken naar de stand van uw rug, uw houding, hoe u beweegt, de spierspanning in de rug, de beweeglijkheid van de rug etc.

Behandeling:

De beste behandeling bij de meeste soorten lage rugpijn bestaat in elk geval uit informatie, advies en vaak ook oefentherapie. De fysiotherapeut of manueeltherapeut is in dat geval uw coach op weg naar herstel. Bij die rol van coach hoort ook het bespreken van de oorzaken voor het steeds terugkeren of lang duren van de lage rugpijn.

Voor uzelf en voor de therapeut is het belangrijk om te weten of de behandeling effect heeft. Daarom bespreekt de therapeut regelmatig het verloop van uw klachten. Daarnaast is het vaak nuttig om aan het begin en aan het einde van de behandeling uw klachten te meten. Daarvoor vraagt de therapeut u dan om één of enkele vragenlijsten in te vullen. Ook dit kan helpen bij het stellen van een goede diagnose en de keuze van een juiste behandeling. Een optimale behandeling voor het beste resultaat.